Veelgestelde vragen middeling

Middeling

In Nederland werken we met verschillende belastingschijven. Dit betekent dat naarmate je meer verdient, je
procentueel meer belasting betaalt (34%, 42% of 52%). Personen met een sterk wisselend inkomen betalen
hierdoor meer belasting dan iemand die een gelijkmatig verdeeld inkomen heeft.

Om deze ongelijkheid weg te nemen is het mogelijk om het inkomen over een periode van 3 jaar te middelen. Bij
middeling wordt de betaalde belasting over deze periode vergeleken met de belasting die verschuldigd zou zijn
indien elk jaar hetzelfde was verdiend.

Een middelingsverzoek kan alleen schriftelijk worden ingediend. Bij dit verzoek moet een middelingsberekening
als bijlage zijn opgenomen. Als de proefberekening in een teruggaaf resulteert, dan biedt IBhulp.nl de mogelijkheid
een conceptbrief met bijbehorende berekening per email te ontvangen.

Elk jaar kan maar één keer in een middelingsverzoek worden meegenomen. Is reeds een verzoek ingediend over de
jaren 2009 t/m 2011, dan is het niet meer mogelijk deze jaren te betrekken in een ander middelingstijdvak.
Concreet: middeling over de periode 2010 t/m 2012 behoort dan niet meer tot de mogelijkheden.

Omdat elk jaar maar één keer mag worden meegenomen, kan het interessant zijn te wachten tot een volgend jaar
voorbij is. Op die manier kan worden bekeken of een andere middelingsperiode meer oplevert.

In de proefberekening wordt de belasting die feitelijk is betaald vergelijken met de belasting die verschuldigd
zou zijn indien het inkomen gelijkmatig zou zijn verdeeld. Op dit bedrag wordt een drempel € 545 in mindering
gebracht. Het resterende bedrag vormt de teruggaaf.

Bij middeling vindt geen vergoeding van heffingsrente plaats.

Een wijziging van de gegevens van een jaar dat in het middelingsverzoek is meegenomen, werkt door in de
middelingsteruggaaf. Hierbij kan gedacht worden aan een navordering of aanvullende teruggaaf. De Belastingdienst
bericht u hier dan over.

Jaren waarin het belastbaar inkomen onder de € 0 uitkomt, mag bij het verzoek worden meegenomen. In
de berekening wordt het negatieve inkomen uit dat jaar echter op € 0 gezet.

Het schriftelijke verzoek tot middeling moet binnen 3 jaar nadat de aanslag over het laatste dat in het
verzoek is meegenomen onherroepelijk is geworden bij de Belastingdienst zijn ingediend. De onherroepelijkheid
treedt in beginsel op na het verstrijken van zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet.

Voor de middeling wordt de premie voor de volksverzekeringen gelijkgesteld met belasting.

Als er over een bepaald jaar geen aanslag is vastgesteld kan worden gerekend met de loonbelasting
vermeerderd met de daarbij in aanmerking genomen heffingskortingen.